Veel vrouwen willen graag méér uur werken. Vrouwen gaan steeds meer en steeds jonger in deeltijd werken, zo blijkt uit onderzoek van het SCP (©Algemeen Dagblad; AD; Mark Reijntjens)
Veel vrouwen komen rechtstreeks vanuit de schoolbanken in parttime banen terecht, tegen hun wil. Dat blijkt uit onderzoek van het SCP. Daardoor verdienen vrouwen meteen al minder.

Van de 18- tot 25-jarige vrouwen werkt 63 procent minder dan 35 uur in de week, constateert het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in het onderzoek Werken aan de start : Jonge vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt, dat vandaag verschijnt. Opvallend is dat bijna de helft van de vrouwen tot 25 jaar die deeltijd werkt, liever meer uren zou willen draaien. Bij de vrouwen tussen 26 en 30 jaar is dat een kwart. Het gewerkte aantal uur is voor een groot deel van de jonge vrouwen dus geen vrijwillige keuze.

Tekst gaat verder onder de grafiek.

Veruit de meerderheid van de vrouwen werkt deeltijd (minder dan 35 uur). ©SCP

 

Nergens anders in Europa werken jonge vrouwen zo weinig uren als in Nederland en nergens anders zijn de verschillen tussen vrouwen en mannen zo groot (29 uur tegenover 37 uur per week).

En omdat jonge vrouwen minder uren werken dan jonge mannen, hebben zij een lager jaarinkomen. Ook zijn jonge vrouwen minder vaak economisch zelfstandig dan mannen in deze leeftijd. In de categorie 30 tot 35 jaar is het verschil het grootst: 67 procent van de vrouwen is economisch zelfstandig tegenover 82 procent van de mannen.

Zien we later wel

Dat jongeren terechtkomen in een deeltijdbaan, kan volgens Joop Schippers, hoogleraar arbeidseconomie, te maken hebben met baanbeschikbaarheid. ,,Zeker de afgelopen jaren is er een hoge jongerenwerkloosheid geweest. Als je dan net van school op zoek bent naar werk, neem je misschien eerder genoegen met een baan die qua salaris en uren niet helemaal is wat je wil. Je denkt, ‘Ik neem dit maar aan, dan heb ik ieder geval een inkomen. De rest zien we later’.’’

Voor zowel mannen als vrouwen waren banen de afgelopen tijd schaars. Waarom lukt het mannen dan vaker een baan met meer uren te vinden? Dat zou voor een groot deel aan de beroepskeuze van vrouwen kunnen liggen. ,,Sectoren waarin zij meer werken – bijvoorbeeld de zorg en het onderwijs – zijn in een patroon geraakt dat deeltijd normaal is geworden,’’ stelt Schippers.

,,Vrouwen met kinderen willen vaak parttime werken omdat een voltijdbaan ingewikkeld is om te combineren. De werkgever heeft zich vervolgens zo georganiseerd dat er bijna alleen deeltijdbanen zijn. Als er iemand weggaat die een baan voor 24 uur had, dan is het logisch om een vervanger te zoeken voor diezelfde 24 uur. Zo blijft dat systeem in stand.’’

Tekst gaat verder onder de grafiek.

 

©SCP

 

Onderzoeker Ans Merens van het SCP constateert een ander verschil tussen jonge vrouwen en jonge mannen. ,,Mannen hechten over het algemeen meer aan de financiële aspecten van een baan. Daardoor zijn ze eerder geneigd om te zoeken naar een functie waar meer uren geboden worden. Vrouwen daarentegen kijken meer naar de inhoud van het werk.’’

Maximum

Voor sommige vrouwen is het niet zo makkelijk om gewoon om meer uren te vragen. ,,In de thuiszorg, waar vooral vrouwen werkzaam zijn, wordt door veel werkgevers een maximum van 32 uur gehanteerd.’’ Meer werken zou te zwaar zijn voor de rug van de werkneemster, waardoor uitval op de loer ligt. ,,Ook vrouwen die in de kinderopvang werken, krijgen te horen dat meer dan 32 uur werken niet mogelijk is omdat het te zwaar zou zijn. Dat is voor hen zeer frustrerend. Deze vrouwen zijn jong en willen veel werken, maar het mag niet.’’

Met een maximum aantal uren bij zwaar fysiek werk lijkt de werkgever mee te denken met de behoeftes van de werknemer. Of toch niet? ,,Het lijkt erop dat er voor mannen en vrouwen verschillende normen worden gehanteerd. In traditionele mannensectoren wordt het argument ‘het is te zwaar’ niet op deze manier gebruikt. In de bouw, toch ook zwaar werk, wordt niet tegen werknemers gezegd dat ze niet te veel mogen werken voor hun rug. Daar worden andere oplossingen gezocht, zoals het lichter maken van cementzakken. In de toekomst willen we dit onderscheid in normen voor mannen en vrouwen in verschillende sectoren graag verder onderzoeken.’’

Het artikel is van Priscilla van Agteren en is uit het AD van